SinterklaasSinterklaas zat in zijn kantoor in Spanje,
Hij was weer terug van zijn reis naar het land van oranje.
De zak met de tekeningen was bijna leeg,
Toen hij doorkreeg,
Dat er een gesloten envelop in de zak zat.
Eigenlijk was hij al dat lezen spuugzat,
Maar zijn nieuwsgierigheid won het.
Toen hij de envelop opende, werd zijn hart een slag stilgezet.
Aan de binnenkant stond een lijst,
Van een vader die ook zijn snoepgoed had geëist.
En zijn Pieten waren hem vergeten.
Hij zou niet weten,
Wat er met hem aan de hand was.
Snel rende Sinterklaas naar de kinderoppas,
Hier was slimme Piet meestal te vinden.
Hij zou wel wat uitvinden.
Slimme Piet had het geval snel door,
En zei: "De enige uitkomst is de man met het sleespoor."
Sinterklaas fronste zijn wenkbrauwen.
"Wat ben jij aan het brouwen?"
"Nou," zei de Piet, "simpel de Kerstman bellen,
En dan vaststellen,
Of hij naar de winkel kan gaan,
En snoepgoed in kan slaan."
Gisteravond om tien voor elf,
Kwam hij langs bij mijzelf,
Met de boodschap van de Sint,
Niet bestemd voor een kind.

Dit gedicht is ingezonden door Koor

Printbare versie
Vertel vrienden en vriendinnen over dit Sinterklaasgedicht:
Dit Sinterklaasgedicht verzenden naar een vriend(in) Deel dit Sinterklaasgedicht op Twitter Deel dit Sinterklaasgedicht op Facebook Deel dit Sinterklaasgedicht op LinkedIn

Volgende gedicht: Beste Remco
Vorige gedicht: Beste Lisanne

© 2006 - 2017 Jan Hengeveld.