Het was 3 december en Sinterklaas, die voor één nacht het werk aan de Pieten had overgelaten en zelf heerlijk had geslapen, voelde zich lekker uitgerust. Na een ontbijt, bestaande uit een glaasje Spaanse wijn, 10 pepernoten en een stuk amandelspeculaas, stapte hij op zijn schimmel. Hij nam de jongste Pieterman mee, genaamd Pablo. Pablo was pas 18 jaar en had weinig ervaring, want hij was pas van de Pietenschool gekomen.

Ze gingen samen op stap. Het plan was om tien kleine kinderen op te halen en flink te verwennen. Ze reden door de steegjes bij de korenbeurs en zagen al gauw, dat het krioelde van slecht geklede en slecht gevoede kinderen. Al spoedig stonden er dan ook wel honderd van die peuters rondom Sinterklaas geschaard. Het was niet gemakkelijk om er tien uit te zoeken, maar Pablo wist raad! Hij stelde voor, dat er maar geloot moest worden. Na een paar minuten waren er tien gelukkigen uitgezocht. De andere meisjes en jongens kregen uit de grote zak van de Sint een handvol tumtum. Pablo tilde de tien kindertjes op het paard, maar dat viel niet mee! Toch lukte het en onder groot gejuich van de hele buurt vertrokken ze. Het was een grappig gezicht: twee hingen er aan de manen van de schimmel, twee zaten er voor Sinterklaas, twee tussen Sint en Pablo, twee achter Pablo en de laatste twee...... zaten op de schouders van Pieterman!
"Zo, beste kinderen," sprak Sinterklaas, "nu gaan we naar Musis Sacrum om daar een lekker glas limonade te gaan drinken en als jullie heel lief zijn, krijgen jullie er ook nog een stuk taart bij."

De kindertjes juichten en zo gingen ze in volle galop door de stad. De schimmel was enthousiast en door het dolle heen. Hij galoppeerde zo hard, dat hij op het Burchtpleintje niet zag, dat het stoplicht op rood stond en met een vaart doorreed! Sint schrok en probeerde met alle macht het paard tot staan te brengen, maar de schimmel galoppeerde maar door. En ja hoor, het was te voorzien: er kwam een politie auto aan, loeiend met zijn sirene en het paard werd tot staan gebracht, vlak voor Musis. Twee agenten stapten er uit en de een sprak: "Waarde Sint Nicolaas, het is beroerd, maar wij moeten proces-verbaal opmaken. U krijgt van ons drie bekeuringen. In de eerste plaats bent u door het rode licht gereden; in de tweede plaats hebt u boven de 50 km. gereden en in de derde plaats vervoert u meer personen op uw vervoermiddel dan voor de veiligheid van het verkeer verantwoord is.
Het spijt ons zeer, maar regels zijn regels en ik mag voor u geen uitzondering maken, ook al bent u een goed heilig man." Zo sprak de agent. Sinterklaas werd nog bleker dan hij al was: tjonge, dat was geen beste beurt en dat was hem nog nooit eerder overkomen. Maar ja, de agenten hadden gelijk. De schimmel begreep blijkbaar wel, dat hij iets verkeerds had gedaan en keek vol schaamte naar de grond; hij hinnikte verdrietig. "Kop op," sprak Sinterklaas, "wij zullen de boete betalen en we zullen nooit, nooit, nooit meer stout zijn, hè schimmel?" en hij aaide het trouwe beest over de kop.
"Dat is allemaal goed en wel," antwoordde de agent, "maar eigenlijk moest ik ook het paard in beslag nemen en uw rijbewijs intrekken." Toen de agent dat had gezegd, schreeuwden de tien kinderen luid: "Och, toe agent, Sint is zo lief en we hebben juist zo'n heerlijke dag! En, wat moet Sinterklaas nu toch zonder paard beginnen! Hij komt dan nooit meer klaar met het vullen van alle kinderschoentjes."
De agenten kregen medelijden en vonden het voor deze ene keer goed, dat Sint zijn paard zou houden.
"Maar denkt u eraan," zeiden zij, "als het nog eens een keer gebeurt, dan moeten we echt het paard afnemen hoor!" Hij had de zin nog niet uitgesproken of Pablo sprong op en riep: "Leve de agent, hij is een reuze vent!" en hij tilde de ene politieman op zijn ene schouder en de andere op zijn andere schouder; zo maakte hij een lange rondedans. De vele mensen, die intussen waren toegestroomd, hadden hierin zoveel plezier, dat ze met z'n allen een Sinterklaaslied gingen zingen. De agenten kregen gewoonweg niet de kans van de schouders af te springen, want Pablo hield hen stevig vast. De Sint lachte en sprak: "Pablo, nu is het mooi geweest, de heren agenten hebben het druk en moeten nodig weer aan hun werk." Pablo zette de agenten weer op de grond en bracht ze keurig naar hun auto terug.
Sinterklaas vond, dat het nu tijd was geworden voor een glas limonade en liep dan ook regelrecht met Pablo en de kinderen naar Musis. Daar werden de kinderen ook nog getrakteerd op een groot stuk taart en de kelner had zo'n plezier in dit kinderfeest, dat hij hen allen nog een suikerzakje mee naar huis gaf.
Toen de beide politieagenten 's avonds thuis kwamen en hadden verteld, wat zij allemaal hadden beleefd, klonk er plotseling een hard geroffel in de schoorsteen! Wat viel daar naar beneden? Een groot pak. Wat zat er in dat pak? Een grote politieauto van chocolade! Ze waren er zo blij mee, dat zij de auto op de schoorsteenmantel hebben gezet en ze zijn niet van plan hem ooit op te eten!

© 2006 - 2017 Jan Hengeveld.