SinterklaasHé Mark,

Je zult wel hebben gedacht:
"Dat heb ik er dit jaar weer goed vanaf gebracht.
Het gevaar is geweken,
En dat, ondanks al mijn rare streken.
Want de Goedheiligman is naar huis teruggekeerd,
En heeft zijn stoomboot in een Spaanse haven afgemeerd."
Helaas voor jou heeft Sint vele afgezanten,
En dus zijn er in elke plaats wel sympathysanten.
Ook in Sneek is er meer dan één Hulppiet, die zoals je merkt,
Met alle plezier nog een paar dagen overwerkt.
Piet heeft elk over jou ontvangen bericht,
Verwerkt in dit niets verhullende gedicht.
Zo'n twee jaar geleden, op een mooie dag in mei,
Kreeg je er opeens drie nieuwe leerlingen bij,
En geef je, tot Sints grote vreugd,
Niet alleen meer les aan een horde jeugd.
Het trio blaast nu menig vrolijke toon,
Op de soms best ingewikkelde saxofoon.
Nee, je hoeft het me echt niet te vertellen,
Je hebt vast heel wat met hen te stellen.
Altijd staan ze met het smoesje klaar,
Van: "thuis ging het wel goed, echt waar!?"
Voor mij als Sint vormen zij een onuitputtelijke informatiebron,
Dus een mooier verjaardagsgeschenk dan ik ooit wensen kon.
Wat ze me gaven als eerste indruk?
Je kunt het wel raden, ze vonden je een . . . (lees: puntje puntje puntje)
Je denkt misschien dat op de puntjes STUK zou moeten staan,
Nou, dan haal ik je maar snel uit die waan.
Want ook onze allerbeste Dichtpiet,
Heeft z'n dag wel eens een keertje niet.
De zin had moeten eindigen op "chaoot", in dikke letters gedrukt,
Maar Piets rijmelarij was eventjes mislukt.
Chaotisch dus, en vergeetachtig bovendien,
Een agenda als cadeau, is dat een goed idee misschien?
Vooral als het om verschuiven van lessen gaat,
Komen de leerlingen te vroeg of te laat.
Mark, dit moet je toch echt zien te voorkomen,
Voordat er een loopje met je wordt genomen.
Als tweede reactie riepen zij volmondig uit:
"Wat is die Mark een enorme ijdeltuit!
Hij ziet zichzelf wel heel erg graag,
Zit u daar nou als Sint niet mee in uw maag?"
Met mijn jarenlange ervaring kan ik zeggen,
En een knappe jongen die dat zal kunnen weerleggen:
Ook hier heeft de schijn weer eens bedrogen,
Want, kijk maar eens naar die twinkeltjes in Marks ogen,
Als hij het heeft over z'n vriendin of kleine meid.
Dat is toch zeker trots en geen misplaatste ijdelheid?
Oké, in de les doet hij zich nog wel eens als showbink voor,
Op het podium is hij toch redelijk bescheiden hoor,
En laat hij, zo zei mijn Publiekspiet, keer op keer,
Aan zijn collega-bandleden de eer.
De Sint begrijpt het wel,
Een beetje show hoort bij het spel,
Want in de wereld van de muziek
Werk je nu eenmaal voor publiek,
En ga je niet als saaie ambtelijke grijze muis,
Dagelijks van huis naar werk en weer terug naar huis.
Dan is er ook nog jouw knobbel voor techniek.
Geef toe, die is toch heel uniek.
Muziek van cd op cassetteband kopiéren,
Zodat je leerlingen thuis goed kunnen studeren.
Zeg nou zelf, dat is heel simpel,
Daarvoor slaag je toch met vlag en wimpel?
"O nee, dit weet ik zo net nog niet,"
Zei mijn hardwerkende muzikale Piet.
Want, als Anja haar huiswerk spelen wil,
Blijft de cassetterecorder vaak angstvallig stil.
Oh, oh, wat een strop,
Er staat weer eens niets op.
Dan moet Anja weer naar Marieke fietsen,
Om bij haar een kopietje te bietsen.
Beste Mark, zij is daarom echt niet kwaad,
Maar hoopt wel dat het voortaan beter gaat!
De Gluurpiet was eens op werkbezoek in Sneek,
Logisch dat hij ook even bij jouw lokaal door de ramen keek.
Hij was verbaasd over wat hij daar zag:
Een muziekleraar die languit op de grond lag.
"Is dat wel verantwoord?
Is dat eigenlijk niet ongehoord?"
Zomaar voor de voeten van drie vrouwen uitgestrekt.
"Sint," vroeg hij, "u vindt toch zeker ook dat dit een rare indruk wekt?"
Gelukkig voor jou weet ik als Sint iets meer over muziek,
Het was vast een aanschouwelijke les in ademhalingstechniek.
Het is, zo is mij door Horecapiet verteld,
Met de koffievoorziening 's avonds slecht gesteld.
Er is nu dan wel een mooie balie gemaakt,
Maar de cateringwerkzaamheden worden om 6 uur gestaakt.
Piet wilde weten waar jij je keel mee smeert,
Als je de verse koffie noodgedwongen ontbeert.
Op zijn speurtocht door jouw kast,
Werd hij toch wel zeer verrast.
Want naast een grote pot met snoep,
En een pakje cup a soup,
Zag hij iets heel wat minder onschuldigs staan:
Hij trof er ook een klein flesje Beerenburgh aan.
Voorzichtig, en geheel op de gok,
Nam hij een teugje van "us nationale slok."
Hij schoot vervolgens spontaan in de lach.
Nu had hij eindelijk een verklaring voor jouw, soms merkwaardige, gedrag!
Zo, nu ben je wel genoeg op de hak genomen,
Aan een Sinterklaasgedicht moet ook een einde komen.
Voordat je nu weer met de les verder gaat,
Geef ik je nog één goede raad.
Wellicht laten de puntjes van kritiek je niet helemaal koud,
Maar neem ze ook maar met een grote korrel zout.
Iedereen is voor verbetering vatbaar,
Maar elk mens is ook een bijzonder en uniek exemplaar.
Ten overvloede moet ik van mijn Piet nog schrijven,
Dat hij hoopt dat je altijd jezelf zult blijven.
En al doe je soms nog zo gek,
De Sint en zijn Pieten weten: je hart zit op de goede plek.

Sint en zijn Pieten.

Waardering: 5.71 met 63 uitgebrachte stemmen
Dit gedicht is ingezonden door Lydia

Printbare versie
Vertel vrienden en vriendinnen over dit Sinterklaasgedicht:
Dit Sinterklaasgedicht verzenden naar een vriend(in) Deel dit Sinterklaasgedicht op Twitter Deel dit Sinterklaasgedicht op Facebook Deel dit Sinterklaasgedicht op LinkedIn

Volgende gedicht: Die Dennis, een profkeeper in spé
Vorige gedicht: Lieve Stefan

 
© 2006 - 2020 Jan Hengeveld.